Contact
Logo Ons Buiten Foto madeliefjes

Vriendjes en buren op de tuin

Had ik vriendjes op de tuin? Ja zeker, maar die ben ik in de loop der tijd allemaal kwijtgeraakt en zij mij. Slootjespringen, fikkiestoken, hutten en vlotten bouwen doe je niet in je eentje. Wie durfde die brede sloot over te springen en wie kreeg op z’n kop als hij bemodderd thuis kwam? Van tijd tot tijd hadden we ruzie, we gooien met onze klompen naar elkaar en als je onder kwam te liggen moest je hard ‘genade’ roepen.
Toen het gebied achter de dijk voor de ooit bedoelde Ringspoorlijn, waar nu de tennisbanen en het bedrijventerrein Riekerhaven zijn, opgespoten werd, moest een en ander toch uitgeprobeerd worden. Er stonden grote borden: Levensgevaarlijk! Drijfzand! Maar wat moet je als je uitgedaagd wordt? Ik zakte er tot over m’n knieën in en ben er weer uitgekropen. Nooit meer geprobeerd en thuis heb ik niks verteld, natuurlijk. De meeste vriendschappen waren tijdelijk. Iedereen woonde in een andere wijk van de stad, meestal toch in West, want je moest lopend of met de fiets of de bus naar de tuin.


Ik herinner me nog Jaapje met rood haar, die ergens op de Kostverlorenkade woonde. Hun tuin lag op de hoek van de Johannalaan. Als ik hem na het eten kwam ophalen moest ik altijd even wachten omdat er eerst nog gebeden moest worden. Dat was ik thuis niet gewend. Eén keer ben ik op het gras langs de laan gaan zitten wachten, maar dat duurde niet lang want ik werd door wespen gestoken. Ik was precies op een wespennest gaan zitten. Jankend naar huis! Ik weet niet met welke middeltjes m’n moeder mij behandeld heeft. In die tijd hadden we nog geen Azaron, maar werd azijn, olie of een doorgesneden ui gebruikt om de brand te blussen, of misschien wel een beetje spuug.

 

Een ander vriendje was Robbie, de zoon van vrienden van mijn ouders. Toen ik later al niet meer op de tuin kwam, zocht ik hem regelmatig thuis op. De familie woonde aan de Ringvaart in Badhoevedorp, nadat ze eerder op de Willem de Zwijgerlaan gewoond hadden. Natuurlijk  was ik ook nieuwsgierig naar zijn oudere zusje, maar die zag mij niet staan, ze groette me nauwelijks. Rob wilde piloot worden, logisch als je zo dicht bij Schiphol woont, maar helaas is hij op jonge leeftijd overleden.

 

Buren

 

We hadden aardige buren, links en rechts en aan de overkant van de laan. Er waren jammer genoeg weinig jongens van mijn leeftijd bij, daarvoor moest ik naar andere lanen. Op Koninginnedag in augustus liep een van onze zusjes met een versierde kinderwagen met de baby van de buren in de optocht mee en ons jongste zusje liep er triomfantelijk naast, helemaal toen ze ook nog een prijs gewonnen hadden. Mijn jongere broer Han liep mee met z’n versierde fiets, maar ging zonder prijs naar huis. Afrikaantjes en dahlia’s waren dankbare bloemen voor dit doel. De zon scheen, we hadden vakantie, we waren jong en we hadden vrij. Het was toen ook altijd mooi weer!

 

 

Jim Mönch (toen Co, geboren in 1936)


naar boven